Historie Historie
De pkn-gemeente Ryptsjerk is ontstaan uit een fusie van de Gereformeerde Kerk en de Hervormde gemeente te Ryptsjerk. In de jaren daarvoor waren beide groepen al verenigd in de Federatieve kerkengemeenschap.
In de volgende paragrafen wordt kort iets gezegd over zowel de algemene als de kerkelijke historie van Ryptsjerk.
Een stukje algemene historie
De naam Ryptsjerk is afgeleid van Riperkerka, kerk op een ripe, een zandrug. Het achtervoegsel "rijp" of "ripe" komt in meerdere plaats- en familienamen voor.Genoemde zandrug is een restant van de laatste ijstijd, die circa 200.000 jaar geleden in Nederland heerste. Op deze zandrug ligt de huidige Oosterdijk, de oudste weg van het dorp.
 
Ryptserk kende drie adellijke behuizingen, het nog bestaande Vijversburg, Ulenburgh-state en Heerma-state. Van dit laatste buitenverblijf, dat omstreeks 1850 moet zijn afgebroken, is weinig meer bekend. Ulenburgh-state, aan de Oosterdijk gelegen en in 1708 afgebroken, was het zomerverblijf van Rombertus van Ulenburgh, burgemeester van Leeuwarden. Zijn dochter Saskia was de vrouw van Rembrandt van Rhijn.
 
Over Vijversburg, dat sinds 1970 op het grondgebied van Tietjerk ligt (de Rijksweg Leeuwarden-Groningen vormt nu de grens tussen beide dorpen) valt meer te vertellen.
In 1808 kocht de welgestelde Age Looxma dit buitenverblijf. Zijn dochter Baudina huwde de arts Nicolaas Ypey, geboren uit een geslacht van intellectuelen. Rijkdom, zakelijk inzicht en intellect werden aldus samengevoegd. Ze kregen een zoon, Age die, ongehuwd gebleven, in zijn testament uit 1892 bepaalde dat zijn totale bezit, hetwelk werd geschat op maar liefst fl. 1.500.000,-, zou worden ondergebracht in een stichting. De belangrijkste bepaling in het testament was wel dat "oudere behoeftigen uit de dorpen Rijperkerk, Tietjerk en Hardegarijp in 20 te bouwen woningen hun oude dag mogen doorbrengen". Tot op de huidige dag zijn de huizen bewoond. Door de van overheidswege toegenomen zorg voor bejaarden zijn het niet meer alleen ouden van dagen die er mogen wonen, maar worden de woningen normaal verhuurd door de drie regenten die het beheer uitoefenen over de "Stichting op Toutenburg" te Zwartewegsend.
 
Uiteraard is een der markantste gebouwen van het dorp de Nederlands Hervormde Kerk, die omstreeks 1750 is gebouwd. Het is geen belangrijk cultuurhistorisch monument. Een ouder kerkje moet hebben gestaan bij het voormalige sluisje, waar de Oosterdijk uitkomt op de Slachtedijk. In de toren hangt een uitermate fraaie luidklok, gegoten in 1546. Twee voorstellingen op de zijkant beelden Simson uit in gevecht met de leeuw, en Delila die een speer draagt. Welhaast zeker zijn ze bedoeld als symbolen, wijzend op de gevaren voor de in celibaat levende rooms-katholieke geestelijken. De sterke Simson versloeg de leeuw, maar was tegen een verleidelijke vrouw niet opgewassen. Hoewel de klok in 1943 door de Duitse bezetter werd geroofd, is de 598 kilo zware kolos ongeschonden teruggekeerd van een opslagplaats in Giethoorn.
Het is wat merkwaardig dat, waar in dorpen als Tytsjerk, Hurdegaryp en Gytsjerk/Oentsjerk sinds de jaren 50 van de twintigste eeuw veel nieuwbouw verrees, Ryptsjerk niet werd "opgestoten in de vaart der dorpen". Pas sinds de 70-er jaren is er een, zij het bescheiden, groei waarneembaar. Heden ten dage vormen de "allochtonen", veelal ambtenaren en gepensioneerden, een belangrijke aanvulling op het autochtone deel..
Een klein stukje kerkelijke historie
Na de reformatie is ook in Ryptsjerk een protestantse gemeente ontstaan. Misschien heeft het wel lang geduurd voor er een eigen predikant kwam. Uit de boeken blijkt dat het op de dorpen lang duurde omdat predikanten liever naar grotere plaatsen gingen vanwege de hogere tractementen. Van Burgum lezen we hierover dat men in 1580 een predikant begeerd:
"een froome, geleerde predicant end gereformeerde neerstige schoelmester, dat har kinder, de seer veel sijnt, nicht langer bister end int wilde loopen sonder leeringen, ende seer veel armoets is.."
Het duurde echter 15 jaar voordat er een eigen predikant in Burgum kwam. Tot in de 18e eeuw hadden Hurdegaryp en Ryptsjerk samen één predikant.
 
In de literatuur vinden we ook een brief van Gerke Keimpes Veenstra, afkomstig uit Ryptsjerk, die diende in het leger van Napoleon en in het hospitaal ligt en in 1812 zijn ouders een brief schrijft, waarin hij o.a. schrijft:
"Nu geliefde ouders, wat zal deze brief u aangenaam zijn, veel meer als dat andere dat ik weer gebeterd ben. Maar de Heere is niets te wonderlijk. Hij kan ook nog weder vrede geven, dat wij nog weer komen mogen en dat de Heere mij maar in gezondheid spaart, dan is ’t nog niets.
Geliefde Ouders, Broeders het valt mij zwaar dat ik zo van u moet scheiden, maar als de Heere mij maar gezondheid geeft, wees dan niet al te bedroefd, want het is de wil van God".

Na de dolenantie en afscheiding lopen de kerkelijke wegen uiteen. Wel moet worden opgemerkt dat in Ryptsjerk de doleantie en afscheiding niet zo veel aanhangers krijgen. Kennelijk was de kerkelijke gemeente hier destijds "rechtzinnig" genoeg.
Opvallend is dat in de 19e eeuw er geen christelijke school in Ryptsjerk is. Die is pas in 1908 door de kerkenraad opgericht.
 
De Gereformeerden in Ryptsjerk bezoeken de Gereformeerde kerk in Oentsjerk en hun kinderen gaan daar ook naar de Christelijke school. De school in Ryptsjerk was namelijk een C.V.O. school. Als in Hurdegaryp in 1959 een Gereformeerde kerk gesticht wordt, gaan de gereformeerden in Ryptsjerk naar de gereformeerde kerk in Hurdegaryp.
De scheiding der geesten blijft jaren bestaan. In het begin van de tachtiger jaren echter komt er een samenwerking tussen de Hervormden en Gereformeerden in Ryptsjerk tot stand, die uitgroeit tot een federatieve gemeente. In 2004 wordt dan het besluit genomen om te fuseren en gezamenlijk een pkn-gemeente te vormen.

 
terug